Gezocht: tijdelijke vrijwilligers voor toekomstverkenning
Ruimte & milieu
‘Denk mee over de toekomst van ons landschap in het Midden-Delflandgebied’. De groep MDV-leden die zich hiermee bezig houdt, zoekt versterking.

Sinds een jaar is een kleine groep MDV-leden – Irmgard Bomers, Frank Dietz, Hans Groeneveld, Cornie Huizenga en Leo Pols – bezig met het verkennen en bespreken van de toekomst in 2050 van het Midden-Delflandgebied.
Zij bouwen voort op de gebiedsvisie van de vereniging Beelden van een toekomstig Midden-Delfland uit 2020. Op de ALV op 31 maart presenteerde Hans het werk tot dan toe van de groep; lees daarvoor ook het verslag van de discussieavond ‘Denk mee over de toekomst van ons landschap in het Midden-Delfland’, gehouden op 2 maart.
Versterking
Irmgard en de anderen zoeken nu versterking met mensen die mee willen doen in de volgende stappen: (a) het toetsen van onze ideeën over de toekomst van het gebied door gesprekken met organisaties en belanghebbenden en (b) het bedenken van mogelijke invoeringsstrategieën waarbij de groep ook wil gaan kijken naar de rol van de Midden-Delfland Vereniging daarin.
Wat vragen ze? Nieuwsgierige mensen met hart voor het Midden-Delflandgebied die een open blik hebben en graag samen met andere mensen dingen aanpakken. Ze verwachten een tijdsinzet van gemiddeld twee dagen per maand.
Wil je graag meer weten of je aanmelden, neem dan contact op met Cornie (chuizenga@cesg.biz).
Foto Ceciel Sillevis
Fietstocht door de Groenzoom
Ruimte & milieu
Op 21 april hadden acht leden van de werkgroepen Milieu en Ruimte van de MDV een excursie om de Groenzoom beter te leren kennen.

De reden van dit bezoek aan de Groenzoom was dat dit gebied sinds 2021 onderdeel is van het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) Midden-Delfland, maar voor de leden van de werkgroepen Milieu en Ruimte nog niet zo bekend. In ieder geval een stuk minder bekend dan het gebied van en direct rond de gemeente Midden-Delfland. Het ligt immers niet alleen aan de ‘andere’ kant van de A13, maar zelfs nóg verder, over de Hofpleinlijn en de N471 heen. De Midden-Delfland Vereniging vertegenwoordigt het gehele gebied van Midden-Delfland in de Landschapstafel van het BPL.
Tuinderij de Groenzoom
De excursie begon in de kas van Tuinderij de Groenzoom op de rand van de Kleihoogt tussen Pijnacker en Berkel en Rodenrijs. Daar stond een mooi gedekte lunchtafel klaar. Tijdens de lunch vertelde Cees van der Burg (lid van de werkgroep Ruimte én van het Gebruikers Platform Groenzoom) al honderduit over de Groenzoom. De ontstaansgeschiedenis, het gebruik in het verleden, de vorming van het natuur- en recreatiegebied en het huidige beheer daarvan. Cees werd daarbij bijgestaan door twee andere leden van het Gebruikers Platform: Marien van Leeuwen en Hans Zweekhorst.
Het landschap leren begrijpen
Na de lunch moest er gefietst worden. Onderweg werd veel gestopt, omdat er veel te vertellen viel – en veel te vragen. Dat schoot – qua fietsen – niet op, maar diende wel het doel van deze fietstocht: het landschap leren begrijpen.
Eerst ging het naar het noorden, onder meer langs de pittoreske molenstomp van wat ooit de Molen van Van der Hoeven was. Op het noordelijkste punt van het BPL is een ander natuur- en recreatiegebied minder dan een halve km verderop: Buytenhout tussen Delft en Zoetermeer (bestaande uit de Delftse Hout, het Bieslandse Bos, de Dobbeplas en de Balij). Alleen het bebouwingslint van de Katwijkerlaan ligt hier tussen deze twee natuur- en recreatiegebieden (Groenzoom en Buytenhout) in.
Daarna volgde de route onder meer langs het Duoduct Windaassloot (met uitzichttoren) en de meanderende Striklede (deel van het riviertje de Oude Leede). Vervolgens leidde de fietstocht naar het zuiden met links het lint van het Noordeinde van Berkel en Rodenrijs (met grote tot enorme villa’s) en rechts de kassen van de Kleihoogt (het BPL op zijn smalst). Dan boven Berkel langs naar het zuidwesten. Daar is de tolpoort herbouwd (met op de palen de oorspronkelijke leeuwtjes), die ooit dienst deed op het Klapwijkseweg iets verderop.
De enige manier om hier aan de andere kant van de N471 te komen is via een tunneltje van nog geen zeven meter breed in het Klapwijkselaantje. Deze is voor al het landverkeer (auto’s, fietsers, wandelaars én dieren). Vissen en andere waterdieren hebben nog wel hun eigen passage. Iets verderop moest (gelijkvloers) het spoor van de Hofpleinlijn (metro lijn E) worden gepasseerd met een klimmetje over de spoordijk.
Aan de andere kant van de metrolijn ligt de Zuidpolder van Delfgauw. Recht vooruit kijk je uit over de waterberging ‘Berkelse Boezem’ (het oorspronkelijke Westmeer), in deze tijd van het jaar niet toegankelijk vanwege de broedende weidevogels.
De fietsroute liep over de Onderweg ‘onderlangs’ Oude Leede. En aan het einde van dat lintdorp linksaf naar molen De Valk. Dit is de enige overgebleven molen van twee molengangen (elk bestaande uit drie molens) die ooit de Zuidpolder van Delfgauw droog hielden.
Drieluik
Hier eindigde deze ‘lerende fietstocht’. Een van de plannen die tijdens deze fietstocht zijn gemaakt, is de opgedane kennis om te zetten in een artikelenreeks (een drieluik) in de Midden-Delfkrant. Veel dank aan de drie mannen van het Gebruikers Platform Groenzoom en de dames van Tuinderij de Groenzoom.
Hans Groeneveld
Werkgroep Ruimte
foto Martin Visser
Onderzoek naar waterberging verbreed
Ruimte & milieu
Het Hoogheemraadschap van Delfland is teruggekomen op plannen voor een grote waterberging in de Klaas Engelbrechtspolder (KEP) bij Schipluiden.

Na een woelig debat, zware kritiek op het proces en excuses van het college is besloten om twee polders te onderzoeken voor een waterberging. Niet alleen de KEP maar ook de Woudse Polder wordt onder de loep genomen.
Na de bevoegde commissie op 24 maart boog de Verenigde Vergadering (algemeen bestuur) zich op 9 april over het project. Delfland wil daarmee inspelen op het veranderende klimaat met extreme regenbuien. Vier insprekers zetten zich af tegen de plannen voor de KEP. Onder wie Roel van Buuren namens de Midden-Delfland Vereniging.
De vereniging is niet overtuigd van de noodzaak van een extra waterberging, betwijfelt of de KEP daarvoor de beste locatie is en is erg ontstemd erover dat zij niet betrokken is geweest bij het hele proces. Onvoldoende, overhaast en onvolledig noemde Roel het verkennende onderzoek dat Delfland heeft gedaan.
Debat van 4,5 uur
Een volle publieke tribune, en daarnaast vast mensen uit het gebied die op afstand meekeken, volgde geboeid het debat dat 4,5 uur duurde.
Verantwoordelijk hoogheemraad Manita Koop had het zwaar te verduren. Ondanks dat het oorspronkelijke voorstel al was aangepast, had de ene na de andere fractie harde kritiek. Bijvoorbeeld dat zij nog steeds zou voorsorteren op een keuze voor de KEP.
Na diverse schorsingen wijzigde het college van dijkgraaf en hoogheemraden het voorstel, nu ingrijpend. De Woudse Polder, al in gebruik als waterberging, wordt meegenomen in verder onderzoek. Hoogheemraad Koop bood ook verontschuldigingen aan voor het gevolgde participatietraject.
Vereniging praat mee
De vereniging rekent erop dat zij, met andere belanghebbenden (van boeren, andere bewoners tot gemeente), nu wel goed wordt betrokken bij het onderzoeks- en afwegingsproces. Maar wat haar betreft wordt ook nog naar andere oplossingen voor de opvang van overtollig water gekeken dan uitsluitend in de polders in het Midden-Delflandgebied. Alvast een leestip: in het zomernummer van de Midden-Delfkrant staat een uitgebreid bestuursartikel over deze zaak, met als kop Polderen doe je niet alleen.
De teksten van diverse insprekers staan op de website van Delfland, klik dan hier .
Foto: MDV
In het nieuws:
https://wos.nl/nieuws/artikel/kritiek-op-plan-voor-waterberging-delfland-kijkt-ook-naar-tweede-locatie
https://www.ad.nl/midden-delfland/waterschap-maakt-draai-ook-andere-polder-onderzocht-voor-waterberging~a9d61b76/
https://www.rodi.nl/midden-delfland/nieuws/113047/klaas-engelbrechtspolder-en-woudse-polder-worden-verder-onderzocht-als-mogelijke-waterbergingslocaties
Brede kritiek op plannen waterberging in Klaas Engelbrechtspolder
Ruimte & milieu
De plannen voor een waterberging in de Klaas Engelbrechtspolder stuiten op kritiek vanuit allerlei hoeken in het gebied.

Dat bleek dinsdag 24 maart tijdens een vergadering bij Delfland. Zes insprekers, vanuit verschillende perspectieven, spaarden het hoogheemraadschap niet vanwege de locatiekeuze. Op een rijtje waren dat Wim van Vliet, veehouder in de polder, Arnold van Adrichem van LTO Noord Delflands Groen, wethouder Melanie Oderwald van Midden-Delfland, bewoonster Anja van Wijk, Ivo van der Knaap van De Tuinderij en als laatste Martin Visser van de Midden-Delfland Vereniging die ook namens Jacques Moerman van de Historische Vereniging Oud-Schipluiden sprak.
Betrokkenheid en zorgvuldigheid
Geen twijfel aan begrip voor de behoefte aan waterberging om in te spelen op klimaatverandering met langere periodes van droogte en hevige neerslag in korte tijd. Maar als gemene deler van de kritiek: de behoefte aan betrokkenheid en zorgvuldigheid.
Martin Visser nam woorden in de mond als een dreigende misstap, de weg van de minste weerstand en een onvoldoende gemotiveerde en onjuiste keuze. En over een ingreep die leidt tot onherstelbare aantasting van landschap en cultuurhistorie.
Ronduit arrogant noemde Wim van Vliet de werkwijze van Delfland. Doe een breder onderzoek hoe zoveel extra regen aan te kunnen. Duik nu al niet in een tunnelvisie, stelde hij. Arnold van Adrichem zei dat er geen fatsoenlijk draagvlak is, met grondeigenaren is niet gesproken. Eenmaal een berging kan er niet worden geweid. Volgens Anja van Wijk gaat een mooi ruimtelijk gebied geheel verdwijnen. Er komen dijken van twee meter hoog, ook voor haar huis. Ivo van der Knaap voorzag onomkeerbare schade.
Ongebruikelijk
Best ongebruikelijk dat een gemeente inspreekt bij een mede-overheid. In plaats van een nader onderzoek, want naar buiten toe is sprake van een verkenning, stuurt het voorliggende voorstel al aan op een locatie en investeringen, aldus Melanie Oderwald. Eerst inzicht. Dan besluiten. In samenspraak, vatte ze het later samen. En: Midden-Delfland is Bijzonder Provinciaal Landschap. Juist hier moet je het goed doen.
De leden van de commissie Waterkwanteit en Waterkwaliteit (WKK), tot wie de insprekers zich richtten, hadden tal van vragen en opmerkingen. Uiteraard ook voor hoogheemraad Manita Koop die samen met collega Stijn van Boxmeer namens het college aanwezig was. Achterin de zaal zat ook dijkgraaf Piet-Hein Daverveldt.
De discussie liep zo hoog op dat Koop bedenktijd vroeg en de al uitgelopen vergadering liet schorsen voor overleg met haar medecollegeleden. Na die schorsing herhaalde ze de meeste van haar argumenten. Omwille van waterveiligheid is dit plan met voorrang eruit gehaald, stelde ze bijvoorbeeld. Ze beloofde ook intensievere participatie.
Een deel van de commissie nam hiermee geen genoegen. Lang verhaal kort: de Verenigde Vergadering, het hoogste orgaan binnen het waterschap, bijeen op donderdag 9 april, praat erover verder. Er is dan volgens ingewijden opnieuw de mogelijkheid om in te spreken.
De teksten van diverse insprekers staan op de website van Delfland, klik dan hier (onder punt 3.A)
Foto vader en zoon Rodenburg in weidse Klaas Engelbrechtspolder: MDV
Toekomstverkenners aan het woord
Ruimte & milieu
Partycentrum Onder Ons stroomde maandag 2 maart vol voor de discussie-avond over de toekomst van het landschap in ons Midden-Delflandgebied.

Toekomstverkenners gezocht! Die oproep was niet aan dovemans oren gericht en het werd een dynamische avond. Waar volgens Cornie Huizinga, een van de vijf organisatoren, een jaar aan interne discussies aan vooraf ging. En nu dus horen of we op het goede pad zitten, vertelde hij.
Cornie is een van de vele actieve vrijwilligers binnen de Midden-Delfland Vereniging. Net als Irmgard, Hans, Leo en Frank. Gevijven voeren zij een verkenning uit naar het Midden-Delfland van 2050. Een discussienota was rondgestuurd met vragen en een schets van zo’n toekomstbeeld voor het gebied.
Gelezen of niet, een goed teken dat zoveel mensen hier zijn. Het onderwerp leeft, merkte Koos Karssen op die als voorzitter de avond opende. Hij ging kort in op de gebiedsvisie van de vereniging van ruim vijf jaar geleden over behoud en toekomstbestendige versterking van het unieke landschap van Midden-Delfland.
Er gebeurt echter zoveel in het gebied, vatte Koos het ‘waarom’ van de avond en de verkenning in een notedop samen. Frank Dietz nam daarna het stokje over om de diepte in te gaan.
Opgaven
Hij draaide niet heen om de ‘grote opgaven’ voor Midden-Delfland. Bij deze: klimaatverandering, energietransitie (‘windmolens, zonneweides’), eiwittransitie (‘kunnen we ons dieet met veel vlees ons blijven veroorloven’), natuurherstel, digitalisering (‘van AI tot precisielandbouw wat energieslurpende datacenters vergt’), bevolkingsgroei, verstedelijking (‘we willen wonen, wonen en wonen’) en verkeer & vervoer.
Onvermijdelijk roerde hij de conflicterende belangen tussen landbouw en natuur aan, ’tot op heden een touwtrekwedstrijd’. Is het niet denkbaar en dankbaarder ‘dan dat de een zijn zin krijgt en de ander niet’ om samen ‘met z’n allen ergens voor te gaan’. Met regeneratieve landbouw, ‘een soort gemengd bedrijf maar veel moderner’, opperde Frank.
Discussiegroepen
De tijd was snel om, jullie krijgen sowieso een verslag, had Cornie de zaal gelukkig al beloofd. Want het was tijd om in vier groepen aan de hand van stellingen over vier thema’s in discussie te gaan. Dat waren 1) ruimtelijke samenhang en kwaliteit 2) natuur en landbouw, water en bodem 3) wonen, werken, recreëren en bereikbaarheid en 4) economie en energie.
Lof is op zijn plaats voor de gespreksleiders, die gesecondeerd werden door experts van buitenaf (Nienke, Henk, Angela en Arie) en notulisten. Die allemaal bovendien oren op stokjes moesten hebben om de levendige gesprekken goed te volgen, mede omdat de akoestiek niet denderend was.
Twintigers
Een groep twintigers gaf na afloop hun indrukken van de avond. Frank Schipper uit Rijswijk, stadsgids, zzp-er, een natuurliefhebber met zorg over de teruglopende gruttostand: ‘Ik had een rijke avond. Ik ga verrijkt weg, ben hier geconfronteerd met boeren die zich in de hoek gezet voelen en zorgen hebben dat ze hun brood kunnen blijven verdienen.’
Cynthia Verboon uit Schipluiden: ‘Leuk om te merken dat er zoveel kennis voorhanden is. En dat er mensen zijn die nadenken over de toekomst die zij zelf niet meer meemaken, en dus toekomstgericht bezig zijn en niet blijven hangen in starre ideeën. Je kunt bijvoorbeeld niet zo doorgaan met gangbaar boeren.’
Joyce van Vliet uit Schipluiden (‘ik ben voorzitter van het Jonge Boeren Netwerk’) had graag meer agrarische betrokkenheid willen zien, zegt ze. Maar de interactieve aanpak, het praten in groepen, beviel. ‘Het waren heel diverse gesprekken. Dat was heel goed!’
Thijs van der Kooij uit Maasland, ook een jonge boer, moet even nadenken voor hij vertelt waarom hij is gekomen. ‘Een groot deel van de MDV-ers heeft geen agrarische achtergrond. De discussienotitie raakt aan zaken die aan ondernemers raken. In hoeverre wil men invloed uitoefenen op de ondernemer.’ En hoe zal ik het netjes verwoorden, vervolgt hij. ‘We hebben best te maken met veel partijen die regels opleggen.’ Maar hij is positief over de gevoerde open discussies met mensen met verschillende belangen. ‘Ik had niet verwacht dat mensen van buitenaf zich zo verbonden voelen met Midden-Delfland.’
De iets oudere Corina van Vliet uit Schipluiden tot slot wilde haar stem laten horen. ‘Ik heb het gevoel dat wij als boeren terug moeten naar Ot en Sien. Wij willen innoveren in duurzaamheid en groen gas produceren, maar wat we willen past niet in het landschap. Met minimaal 350 koeien kan dit, anders wordt de installatie te duur. Maar het was een goede avond hoor!’ En dat zegt ook recreatie-ondernemer Angela van der Sande. ‘Een inspirerende avond. Petje af, goed dat de vereniging dit doet!’
ALV
In de nieuwste Midden-Delfkrant staat een artikel over Cornie en de zijnen: Vijf blikken op 2050. Ook bedoeld als opmaat naar de Algemene Ledenvergadering op dinsdag 31 maart waar Hans iets vertelt en vragen beantwoordt over de toekomstverkenning.
Lees hier het verslag van de discussie-avond.
Foto Marjanne Zuijderwijk
Zorgen vereniging niet gehonoreerd door B&W Midden-Delfland
Ruimte & milieu
De gemeente verleende juli vorig jaar een vergunning voor een forse uitbreiding van de melkveestal op een boerderijerf aan de Zouteveenseweg in Schipluiden.

Het betreft de proefboerderij van Lely Industries. Het gaat om een uitbreiding van 1836 m² tot 3592 m² en tot tien meter hoog. De vereniging kwam in het geweer, want ze vreesde aantasting van het karakteristieke open landschap rond Schipluiden door het groeiende bedrijf dat net buiten de dorpskern ligt. De vereniging is op zich niet tegen dit bedrijf, maar is niet enthousiast over de grootschalige vorm van hun bedrijfsvoering op deze locatie, die in onze ogen niet past aan de Zouteveenseweg. Daarnaast voorzien we extra verkeersoverlast. Het grondbezit bij de boerderij wordt niet navenant uitgebreid en dus zal er meer veevoer moeten worden aangevoerd en mest afgevoerd.
Om voldongen feiten te voorkomen, stapte de vereniging eind oktober ook naar de rechter. Ze vroeg de bouw stil te leggen in afwachting van een nieuw besluit van het college. Medio januari van dit jaar noemde de rechtbank in Den Haag het bezwaar van de vereniging ontvankelijk en wees het verzoek toe, omdat aan het oorspronkelijke vergunningsbesluit een zorgvuldigheids- en motiveringsgebrek kleefde, en schorste voorlopig de vergunning.
De Midden-Delfland Vereniging is teleurgesteld dat het college van B&W van Midden-Delfland het door de vereniging ingediende bezwaar tegen de staluitbreiding op de Lely-demonstratieboerderij weliswaar ontvankelijk, maar inmiddels toch ongegrond heeft verklaard. De vereniging beraadt zich op vervolgstappen.
Foto: MDV
Bouwstop voor dochterbedrijf Lely
Ruimte & milieu
De rechtbank in Den Haag legt een bouwstop op aan een dochterbedrijf van het Lely-concern, dat aan de rand van Schipluiden een demonstratieboerderij runt en zijn melkveestal fors wil uitbreiden. De rechter vindt dat de gemeente Midden-Delfland de verleende omgevingsvergunning onvoldoende heeft onderbouwd en de vergunning moet intrekken.

De Midden-Delfland Vereniging is blij met de uitspraak. ‘Een mooi resultaat en een flinke opsteker voor onze vereniging’ is de reactie van voorzitter Koos Karssen. De vereniging staat pal voor het open en groene Midden-Delflandgebied, gelegen tussen de steden Delft, Rotterdam en Den Haag en sinds 2017 een Bijzonder Provinciaal Landschap.
De gelijknamige gemeente is de kern van dit Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. Daar passen de uitbreidingsplannen van het Lely-bedrijf niet. De stal moet worden verdubbeld (van 1836 m² tot 3592 m²) bij een maximale bouwhoogte van 10 meter. De vereniging tekende daarom half september bij de gemeente bezwaar aan tegen de op 24 juli verleende vergunning.
Omdat de bouw al snel was begonnen en om te voorkomen dat dit een voldongen feit zou worden, stapte de vereniging eind oktober ook naar de rechter. Ze vroeg om de bouw stil te leggen in afwachting van wat het gemeentebestuur zou beslissen over het bezwaar. De rechtbank komt de vereniging nu tegemoet en schorst het besluit van 24 juli tot twee weken na bekendmaking van het nieuwe besluit van het college.
Bouw voortgezet
De bouwwerkzaamheden waren intussen voortgezet. Vergunninghoudster is niet bereid met (verdere) uitvoering te wachtentot het besluit op bezwaar, vermeldt de uitspraak. Volgens de rechtbank heeft de vereniging mede daarom een voldoende spoedeisend belang bij het verzoek om een voorlopige voorziening.
Lely, zelf gevestigd in Maassluis, verwierf in 2019 de boerderij Nieuw Bijsterveld aan de Zouteveenseweg, even buiten de dorpskern van Schipluiden. De groeiende bedrijfsgrootte, de toenemende activiteiten op en om het erf en de extra overlast, die dit met zich meebrengt, baren de Midden-Delfland Vereniging al langer grote zorgen. Door de staluitbreiding komt er plaats voor meer dan 300 runderen. Ter vergelijking: de gemiddelde bedrijfsgrootte van melkveehouderijen in Midden-Delfland is ruim 80 stuks melkvee.
Foto: MDV
Discussie-avond over Midden-Delfland uitgesteld
Ruimte & milieu
Wegens het barre winterweer gaat de voor dinsdag 6 januari geplande discussie-avond over het Midden-Delfland van 2050 niet door. De Midden-Delfland Vereniging heeft uit voorzorg besloten tot uitstel. Als nieuwe datum is gekozen voor maandag 2 maart. De (nieuwe) locatie wordt zo snel mogelijk bekendgemaakt.

De vereniging wil in 2026 het gesprek aangaan over de toekomst van het Midden-Delflandgebied. Er hadden zich al rond dertig deelnemers aangemeld. Aanmelden is nog steeds mogelijk, stuur een mail naar secretariaat@middendelflandvereniging.nl.
Toelichting MDV-voorzitter Koos Karssen
Mede dankzij de inbreng van velen van u presenteerde onze vereniging vijf jaar geleden een visie voor het Midden-Delflandgebied voor de periode 2020-2040. Behoud en toekomstbestendige versterking van het unieke landschap staan daarin centraal.
Hoe helpt de visie ons? Persoonlijk laat ik mij erdoor inspireren als ik de vereniging vertegenwoordig in vele overleggen. Hierdoor ben ik in een positie dat ik niet alleen maar kan reageren maar dat ik ook zaken kan aandragen en agenderen. En het helpt om onze posities te onderbouwen in zienswijzen en bezwaarschriften.
Maar de wereld tot dicht om ons heen blijft veranderen in een soms duizelingwekkende vaart. Onze boodschap voor behoud en een toekomstbestendige versterking van het landschap krijgt veel bijval maar geeft onvoldoende houvast voor een passend antwoord op zulke snelle ontwikkelingen. Denk aan klimaatverandering, bevolkingsgroei en nieuwe technologieën zoals AI.
Het bestuur is daarom erg blij dat de werkgroep Ruimte een verkenning uitvoert naar ‘het Midden-Delfland van 2050’. Niet als een poging om de toekomst te voorspellen, wel als een manier om na te denken over welke nieuwe ontwikkelingen passen bij het Midden-Delflandgebied en welke daar niet zo goed in passen.
Hierbij treft u een eerste versie aan van deze verkenning om u als leden/lezers, net als ik vast een groot liefhebber van dit veenweidelandschap, te laten ‘proeven’ van zo’n toekomstbeeld. In het nieuwe jaar volgt dan een inspirerende discussie-avond over de volgende thema’s:
- Ruimtelijke samenhang en kwaliteit: Kunnen we de ecologische en cultuurhistorische waarden van het landschap beschermen terwijl we wel meebewegen met noodzakelijke veranderingen?
- Natuur en Landbouw, water en bodem: Kunnen we natuur en landbouw meer combineren en is regeneratieve landbouw hiervoor een oplossingsrichting?
- Wonen, werken, recreëren en bereikbaarheid: Kan het gebied zijn karakter behouden als de bevolkingsdruk blijft toenemen en hier meer mensen willen recreëren?
- Economie en energie: Een vitaal Midden-Delfland vereist een economie die veranderingen in wonen, werken (o.a. in de landbouw) en recreatie ondersteunt. In 2050 zijn ook in deze regio naar onze verwachting belangrijke stappen gezet in de energietransitie en is het gebruik van fossiele energie fors afgenomen en het gebruik van zon- en windenergie, restwarmte en aardwarmte fors toegenomen.
De technologische veranderingen gaan snel en over hun impact komen we ook te spreken. Onze nieuwe inzichten over het behoud en de ontwikkeling van het Midden-Delflandgebied kunnen gevolgen hebben voor de rol van onze vereniging. Uw ideeën hierover horen we graag. Ze vormen een belangrijke bijdrage voor aanpassingen in onze visie voor het Midden-Delflandgebied, eerst op de algemene ledenvergadering maar natuurlijk ook daarna.
Ik hoop dat ik u enthousiast heb gemaakt om te komen op maandag 2 maart! Wel graag u even aanmelden daarvoor via secretariaat@middendelflandvereniging.nl.
Om te lezen
Visie voor het Midden-Delflandgebied voor de periode 2020-2040 (2021): klik hier
Eerste versie van de nieuwe Verkenning naar het Midden-Delfland van 2050 (2026): klik hier
Waterkwaliteit: het moet en kan beter
Ruimte & milieu
De thema-avond over waterkwaliteit die de Midden-Delfland Vereniging hield op donderdag 20 november, leverde levendige discussies op. Iedereen is het erover eens dat de waterkwaliteit in onze regio niet in orde is en dat inspanningen moeten worden geleverd om die te verbeteren. Niet alleen omdat het voor de natuur en de volksgezondheid beter is. Er is ook de dreiging van een ‘waterslot’ – vergelijkbaar met het huidige stikstofslot – als we in Nederland de Europese waterkwaliteitsnormen niet tijdig halen.

Delfland
De ambitie van hoogheemraad Stijn van Boxmeer, een van de negen gastsprekers, is dat iedereen weer zonder een gezondheidsrisico te lopen in de polders van Midden-Delfland kan zwemmen. Naast de watervervuiling vanuit de stad is de vervuiling door gewasbeschermingsmiddelen uit de glastuinbouw een groot probleem voor de waterkwaliteit in de regio.
Forse, vaak herhaalde, overtredingen van de emissienormen worden steeds zwaarder aangepakt. Laatst ging het zelfs om een boete van 100.000 euro. Jacco Vooijs van Glastuinbouw Westland is daar blij om. De hele sector wordt erop aangekeken als een tuinder heel domme dingen doet. Hij en zijn leden willen die er niet bij hebben. Stijn van Boxmeer heeft gelukkig ook goed nieuws. Het waterschap constateerde geen enkele overtreding, toen onlangs bij de teeltwisseling in de kassen werd gecontroleerd op de waterkwaliteit.
Vlietlanden
In de Vlietlanden ‘ziet’ Willemijn Nagel van Natuurmonumenten de watervervuiling aan de soorten planten en dieren die er voorkomen. De Vlietlanden hebben de potentie veel meer soorten te herbergen dan ze nu doen. Voor het beheer is de vervuiling ook lastig. Op de Nieuwkoopse Plassen wordt maar aan één kant water ingelaten; ver weg van die inlaat is het water veel schoner. Roel van Buuren, biologisch melkveehouder in Midden-Delfland, heeft die ervaring ook. Het water op zijn percelen is schoon. Als er eens water te kort is en boezemwater de polder binnen moet worden gelaten, wordt het water op zijn percelen vuiler. Deze voorbeelden onderstrepen de noodzaak om de watervervuiling aan te pakken.
Staat van ons Water
Ook twee wethouders nemen deel aan de discussies: Melanie Oderwald van Midden-Delfland en Michiel Ferwerda van Westland. In navolging van Pijnacker-Nootdorp willen beide gemeenten samen met het hoogheemraadschap aan de slag met ‘de Staat van ons Water’. Een programma waarbij de kwaliteit van het water in en rondom gemeenten onder de loep wordt genomen en op een rij wordt gezet wat moet worden gedaan om die te verbeteren.
Wat we kunnen doen
Richard Smokers vertelt dat de Vereniging voor Natuur- en Milieubescherming Pijnacker al jaren
de waterkwaliteit meet, met focus op de ecologische kwaliteit: beestjes en waterplanten. De laatste tijd zij aan zij met het hoogheemraadschap en binnenkort volgen gesprekken met tuinders. Jacco Vooijs is op de hoogte en vindt dat een positieve ontwikkeling.
Glastuinbouw Westland ging eerder per polder met ondernemers in gesprek over de aanpak van de watervervuiling. Tegenwoordig werken ze met een watercoach per bedrijf om uit te zoeken hoe tuinders richting een emissieloze kas kunnen komen en dus tot nul emissies.
Effectieve samenwerking tussen overheden
Nienke Schuil van de Zuid-Hollandse Milieufederatie stelt dat schoon water niet vraagt om meer beleid, maar om meer lef tot samenwerken. Er is al (te)veel beleid, de vraag is of de verschillende overheidsinstellingen wel van elkaar weten wie voor wat verantwoordelijk is. En wie voelt zich dan verantwoordelijk voor het geheel? Bestuurders mogen wat haar betreft meer met de vuist op tafel slaan.
Stijn van Boxmeer benadrukt dat er meer aandacht moet komen voor aanpak aan de bron. De vervuiling die het water niet in komt, hoef je er ook niet uit te halen. Dit is helemaal in het straatje van Roel van Buuren: boeren worden in Nederland beloond op kwantiteit, terwijl het eerlijker zou zijn om ook kwaliteit, zoals natuurinclusieve en biologische landbouw, te gaan belonen. Dat zou ook nog eens positief uitwerken voor de waterkwaliteit.
Burgers aan zet voor schoon water
Nienke Schuil roept de vraag op hoe we ‘alle’ mensen kunnen bereiken met de boodschap over de noodzaak van schoon water. We investeren miljoenen in techniek, maar te weinig in gedrag. Zij spreekt alle aanwezigen aan daar iets aan te doen.
Richard Smokers ervaart zelf dat natuur- en milieugroepen een kanaal kunnen zijn waardoor burgers gehoord kunnen worden. Door de inbreng van eigen kennis en ervaring vertegenwoordigen milieugroepen goed geïnformeerde inwoners.
Vanuit de zaal wordt aangegeven dat burgers ook kunnen bijdragen door meer biologisch voedsel te kopen. Het zou mooi zijn als boeren en tuinders meer samenwerken om producten aan te bieden op voor burgers goed bereikbare locaties.
Blijf met elkaar in gesprek en pak door!
Stijn van Boxmeer houdt de aanwezigen voor dat we niet moeten vergeten dat we wat de waterkwaliteit betreft van heel ver komen. Er is al veel gebeurd, te beginnen met de aanleg van vier afvalwaterzuiveringen in de regio. Maar we zijn er nog lang niet. Er is nog geen trendbreuk.
In de woorden van Derk Loorbach, deelnemer als transitiedeskundige: er is nog niet een transitie in gang gezet. Hij betoogt dat we – niet alleen in Midden-Delfland – vastzitten in een systeem dat niet volhoudbaar is. Nederland is goed in technisch beheer en kwantiteitsbeheer, maar niet in ecologisch slim omgaan met water.
Om waterkwaliteit te herstellen moet je naar de oorzaken kijken. Door steeds kleine verbeteringen toe te passen kunnen systemen lang blijven bestaan, maar soms moet je voor echte oplossingen iets afbreken of stoppen met dingen die je gewend was om te doen. En dat kan pijn doen. Deze avond ziet Loorbach constructieve, leuke, inhoudelijke gesprekken wat hem de uitspraak ontlokt dat deze zaal weleens de voorhoede zou kunnen zijn van de transitie in Midden-Delfland. Dus blijf met elkaar in gesprek en pak door!
Midden-Delfland Vereniging
Moderator van de avond, Frank Dietz, spreekt ook met Koos Karssen, de voorzitter van de organiserende Midden-Delfland Vereniging. Deze laat er geen twijfel over bestaan: de vereniging zal de waterkwaliteit aan de orde blijven stellen. Met het nieuwe themanummer van de Midden-Delfkrant, met watervisie en agenda voor de toekomst, als leidraad.






